Citaat | Rechtbank Den Haag 25 januari 2017

Onder 5.15. Rechtbank Den Haag 25 januari 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 25 januari 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:587.

De positie van de rechter in het staatsbestel brengt wel mee dat hij terughoudendheid dient te betrachten bij de toetsing van gesteld regelgevingsfalen. De rechter kan niet treden in de hiervoor bedoelde ruime beoordelings- en beleidsvrijheid van de minister bij de vaststelling van de ministeriële regelingen op grond van de GWWD. Verder is van belang dat, hoewel ministeriële regelingen niet het resultaat zijn van een proces van besluitvorming en afweging van belangen waarbij democratisch gekozen organen zijn betrokken, er in dit geval wel nauwe betrokkenheid van het parlement bij de totstandkoming van deze ministeriële regelingen is geweest, onder meer vanwege de uitgebreide verantwoording die de verantwoordelijke bewindslieden gedurende de Q-koorts-uitbraak hebben afgelegd aan de Tweede Kamer over de genomen en te nemen maatregelen. De beoordelings- en beleidsvrijheid van de minister bij het vaststellen van de ministeriële regelingen vindt haar begrenzing in de wet, rechtstreeks werkende verdragsbepalingen (zoals de artikelen 2 en 8 EVRM) en/of de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f0680da8e0fd0e56649e3cbda562f013b6966c70e6af3b428ddd3a159798fa8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f0680da8e0fd0e56649e3cbda562f013b6966c70e6af3b428ddd3a159798fa8, en de alinea staat in dat document op bytes 151699 tot 152825.