Citaat | Rechtbank Den Haag 29 juni 2017

Alinea 22 Rechtbank Den Haag 29 juni 2017

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 29 juni 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:7916.

8. In paragraaf 2.3 van de Richtsnoeren voor de toepassing van Richtlijn 2003/86/EG inzake het recht op gezinshereniging (COM(2014)210) (hierna: de Richtsnoeren) staat dat de bevoegdheid om een minimumleeftijd te vereisen alleen mag worden gebruikt om de integratie te bevorderen en gedwongen huwelijken te voorkomen. De lidstaten mogen de minimumleeftijd dus alleen voor dit doel voorschrijven en niet op een manier die afbreuk zou doen aan het doel en het nuttig effect van de Richtlijn. Voorts staat in de Richtsnoeren vermeld dat de minimumleeftijd als richtsnoer kan fungeren, maar dat deze niet mag worden gebruikt als algemeen minimum waaronder alle verzoeken systematisch worden afgewezen, ongeacht of de situatie van iedere indiener daadwerkelijk is onderzocht (naar analogie van het arrest Chakroun van het Hof van Justitie van de Europese Unie (C-578/08) van 4 maart 2010). De minimumleeftijd is slechts een van de verschillende factoren waar rekening mee moet worden gehouden wanneer de lidstaat een verzoek behandelt. Als deze individuele beoordeling uitwijst dat de motivering van artikel 4, vijfde lid, van de Richtlijn niet van toepassing is, moeten de lidstaten overwegen een uitzondering te maken en gezinshereniging toe te staan in gevallen waar niet aan het vereiste van de minimumleeftijd is voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f34e208d0beae04b19c394ba9d3bca3ff280feaca8abb7d008ad9a0196133a12. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f34e208d0beae04b19c394ba9d3bca3ff280feaca8abb7d008ad9a0196133a12, en de alinea staat in dat document op bytes 9843 tot 11177.