Citaat | Rechtbank Den Haag 25 oktober 2018
Onder 4.3. Rechtbank Den Haag 25 oktober 2018
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 25 oktober 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:15529.
Uitgangspunt van de WWZ is dat de arbeidsovereenkomst niet ten einde behoort te komen als er geen voldragen ontslaggrond is. Echter, door haar instemming met het einde van de arbeidsovereenkomst en het laten verstrijken van de bedenktijd, verweert [verzoekster] zich niet tegen het ontslag als zodanig. De preventieve toetsing van de ontslaggronden, die in de WWZ tot uitgangspunt wordt genomen, heeft daardoor niet plaatsgevonden. [verzoekster] heeft NN niet genoodzaakt voor opzegging van de arbeidsovereenkomst toestemming aan het UWV te vragen. Door haar instemming met het ontslag heeft zij de weg naar de in het kader van de WWZ gebruikelijke procedures bij de kantonrechter, die afhankelijk van het oordeel van het UWV, door werkgever of werknemer gestart kunnen worden, afgesneden. Zij heeft evenmin ontbinding van de arbeidsovereenkomst verzocht op grond dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Aan de vraag of er, gelet op de omstandigheden van het geval, aanleiding is om een billijke vergoeding toe te kennen komt de kantonrechter daardoor niet toe omdat die vraag pleegt te worden voorgelegd in voormelde procedures waarin de ontslaggronden worden getoetst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da13bdca6a0c4361be2c42826de367601f64c1f4b50b2b222e5955527ce4b479. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da13bdca6a0c4361be2c42826de367601f64c1f4b50b2b222e5955527ce4b479, en de alinea staat in dat document op bytes 18683 tot 19881.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/da13bdca6a0c4361be2c42826de367601f64c1f4b50b2b222e5955527ce4b479 | shasum -a 256