Citaat | Rechtbank Den Haag 31 januari 2018

Onder 2.17. Rechtbank Den Haag 31 januari 2018

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 31 januari 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:813.

De rechtbank ziet geen aanleiding om gebruik te maken van de aan haar toekomende discretionaire bevoegdheid om de door de weduwen en kinderen voorgestane deskundige te benoemen. Het door de weduwen en kinderen gewenste onderzoek houdt in dat schriftelijke bewijsmiddelen worden vergaard in een openbaar, voor een ieder raadpleegbaar archief. Dergelijke vergaring van schriftelijk bewijs ligt in de eerste plaats op de weg van de weduwen en kinderen zelf. Niets staat eraan in de weg dat de weduwen en de kinderen zelf schriftelijk bewijs ter onderbouwing van hun stellingen (laten) vergaren in het Nationaal Archief en daarbij (desgewenst door een eigen deskundige laten) zoeken naar ‘onverwachte’ bronnen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6429aebc5cd4cb5a872ec5cf1b74e1d95ee739599846bbf86326112ac1ac37ed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6429aebc5cd4cb5a872ec5cf1b74e1d95ee739599846bbf86326112ac1ac37ed, en de alinea staat in dat document op bytes 35961 tot 36685.