Citaat | Rechtbank Den Haag 14 februari 2018

Onder 4.7. Rechtbank Den Haag 14 februari 2018

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 14 februari 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:978.

De laatstgenoemde situatie doet zich hier niet voor. In dit geval is [verzoeker] al ruim voordat de aanzegmogelijkheid is verstreken op zoek gegaan naar een andere baan. Ter zitting heeft hij erkend dat hij begin oktober 2017 Solleveld er op heeft gewezen dat hij de mogelijkheid had om een baan bij een andere werkgever te aanvaarden. Uit die mededeling volgt dat [verzoeker] begin oktober 2017 wist dat hij bij een andere werkgever in dienst kon treden. De kantonrechter acht het gegeven de omstandigheden ongeloofwaardig dat hij daadwerkelijk de wens of bedoeling heeft gehad om bij Solleveld in dienst te blijven na 1 november 2017, nu hij op 23 oktober 2017 te kennen heeft gegeven dat hij reeds een andere baan had. Derhalve heeft hij ook niet in onzekerheid gezeten of is hem een toezegging gedaan die niet is nagekomen door Solleveld. De wetgever heeft niet beoogd een werknemer die reeds voordat de aanzegtermijn is verstreken (uitzicht op) een baan bij een andere werkgever had, een schadevergoeding wegens schending van de aanzegverplichting toe te kennen, wanneer die werknemer uiteindelijk ook daadwerkelijk bij die andere werkgever in dienst treedt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5bd49ee28037a14bcf851de769e8bf896e7136ff6de9053399f70a4a2dad737. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5bd49ee28037a14bcf851de769e8bf896e7136ff6de9053399f70a4a2dad737, en de alinea staat in dat document op bytes 12357 tot 13547.