Citaat | Rechtbank Den Haag 19 maart 2019

Onder 3.2. Rechtbank Den Haag 19 maart 2019

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 19 maart 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:2663.

Ter toelichting van deze vorderingen stelt [deelnemer] , samengevat, het volgende. Zij heeft in de periode 2000 tot en met 2008 tot een totaal aankoopbedrag van € 9.500,- loten in de staatsloterij gekocht en daarmee meegespeeld. Gelet op de uitkomst van de collectieve actie van Stichting Loterijverlies heeft de Staatsloterij ook aan [deelnemer] misleidende mededelingen gedaan en staat vast dat er sprake is geweest van misleiding dan wel dwaling. [deelnemer] heeft de overeenkomst dan wel overeenkomsten die zij met de Staatsloterij heeft gesloten vernietigd. Zij maakt daarom aanspraak op terugbetaling van haar inleggeld. Volgens haar heeft zij per bank (via automatische incasso) in totaal voor € 3.408,83 aan loten gekocht. Daarnaast heeft zij bij verkooppunten nog voor € 6.091,17 aan loten in de losse verkoop gekocht. Verder heeft haar gemachtigde incassowerkzaamheden verricht. De kosten daarvan zijn aan te merken als redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte als bedoeld in artikel 6:96 sub 2 c BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86c02cedb002ba8d1e5c877604f05ce7f4019d28c5f22876dfa51047a3bb908f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86c02cedb002ba8d1e5c877604f05ce7f4019d28c5f22876dfa51047a3bb908f, en de alinea staat in dat document op bytes 11742 tot 12793.