Citaat | Rechtbank Den Haag 28 augustus 2019

Alinea 54 Rechtbank Den Haag 28 augustus 2019

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 28 augustus 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:9729.

Voor zover er vanuit zou moeten worden gegaan dat verweerder, naar eiser heeft gesteld, met vorengenoemde stukken niet alle door de rechtbank gevraagde stukken heeft overgelegd, verbindt de rechtbank daaraan geen gevolgen. Eiser beschikt immers, naar hij ook in zijn nadere stuk van 17 april 2019 heeft aangegeven, zelf over de door hem genoemde ontbrekende bankafschriften. Daarnaast verschillen partijen niet van mening over de hoogte van de door verweerder in aanmerking genomen - uit de bankafschriften afgeleide - omzetten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc0f4a711584b80c80b94905727e0918381f436447b2a64db2f9e9c4be8603c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc0f4a711584b80c80b94905727e0918381f436447b2a64db2f9e9c4be8603c1, en de alinea staat in dat document op bytes 17439 tot 17981.