Citaat | Rechtbank Den Haag 27 oktober 2020

Onder 4.1. Rechtbank Den Haag 27 oktober 2020

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 27 oktober 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:10708.

Vóóraf overweegt de voorzieningenrechter het volgende. Partijen zijn het erover eens dat de geschilpunten in deze zaak deels wordt beheerst door Nederlands recht en deels door Russisch recht. De eisen van een goede rechtsorde verzetten zich niet tegen toepassing van Russisch recht in dit kort geding. De voorzieningenrechter dient het Russisch recht ambtshalve toe te passen, zo veel mogelijk op de manier waarop dit in de Russische Federatie gebeurt. Het is niet aan de Nederlandse rechter om een geheel nieuwe rechtsontwikkeling in te luiden in een buitenlands rechtsstelsel. Vanwege het spoedeisende en voorlopige karakter daarvan, mag van partijen in kort geding een actievere rol worden verlangd bij het achterhalen van de inhoud van het buitenlandse recht. Deze ruimere informatieplicht van partijen neemt niet weg dat de voorzieningenrechter in haar uiteindelijke oordeel over het buitenlandse recht niet is gebonden aan wat partijen daarover hebben aangevoerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db66a1f4fc89da155611a07bbabb5fb9c786de722d6e850349c19c2a5dc8bf5b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db66a1f4fc89da155611a07bbabb5fb9c786de722d6e850349c19c2a5dc8bf5b, en de alinea staat in dat document op bytes 39540 tot 40524.