Citaat | Rechtbank Den Haag 20 februari 2020

Alinea 22 Rechtbank Den Haag 20 februari 2020

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 20 februari 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:2521.

6. Voor de in artikel 10, lid 1, van de Wet belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992 (Wet BPM) bedoelde vermindering voor gebruikte personenauto’s is beslissend in welke staat (nieuw of gebruikt) de personenauto verkeert op het tijdstip van de registratie van die personenauto in het kentekenregister. Onder een nieuwe personenauto moet worden verstaan een auto die na de vervaardiging ervan niet of nauwelijks in gebruik is geweest. Een personenauto die niet als nieuw in deze zin kan worden aangemerkt, moet als een gebruikte personenauto in de zin van de Wet Bpm worden aangemerkt. Indien in geschil is of het desbetreffende motorrijtuig ten tijde van het belastbare feit in gebruikte staat verkeert, rusten de stelplicht en de bewijslast ter zake op de eiser die zich op de vermindering van Bpm beroept (vgl. Hoge Raad 21 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1695).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a14f820d227a01bcee10c96cb350ff6fca50157c5475384bf53008bcdee63afe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a14f820d227a01bcee10c96cb350ff6fca50157c5475384bf53008bcdee63afe, en de alinea staat in dat document op bytes 8032 tot 8924.