Citaat | Rechtbank Den Haag 6 februari 2020

Onder 4.4. Rechtbank Den Haag 6 februari 2020

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 6 februari 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:866.

Wat betreft de behandeling van [eiser] heeft de kliniek in een brief van 27 november 2019 opgemerkt dat deze niet meer in het teken staat van een forensische opdracht, namelijk het verminderen van recidiverisico’s, omdat die risico’s door de kliniek al geruime tijd worden ingeschat als zeer gering. De in rapportages genoemde behandeldoelen zijn volgens de kliniek bedoeld als algemene, persoonsgerichte ontwikkelingsdoelstellingen, waarmee beoogd wordt het algemeen functioneren van [eiser] te (blijven) verbeteren. De kliniek ziet die ontwikkelingsdoelstellingen als onderdeel van haar “zorgplicht”, waaraan de kliniek zich verbonden voelt, zolang [eiser] aan de zorg van de kliniek is toevertrouwd, maar deze kennen dus geen forensische grond meer. De kliniek heeft in dit verband in de hiervoor vermelde brief nog opgemerkt dat, wanneer bij [eiser] sprake zou zijn van een tbs-maatregel (waarbij relevant is dat hij volgens de in 2001 gemaakte afspraken als zodanig dient te worden behandeld) de kliniek het op grond van het ingeschatte recidiverisico passend zou vinden de terbeschikkingstelling onvoorwaardelijk te beëindigen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ef18adad834ca9504aa925737b47f5531bd5bcec622f8e562e52f1d2d322153. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ef18adad834ca9504aa925737b47f5531bd5bcec622f8e562e52f1d2d322153, en de alinea staat in dat document op bytes 27952 tot 29107.