Citaat | Rechtbank Den Haag 26 augustus 2020

Alinea 40 Rechtbank Den Haag 26 augustus 2020

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 26 augustus 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:9955.

20. Uit wat hiervoor is overwogen, volgt dat eiser onvoldoende bewijs heeft geleverd voor de door hem in zijn aangifte IB/PVV 2012 afgetrokken giften en dat de aanslag daardoor tot een te laag bedrag is vastgesteld. Ter onderbouwing van zijn stelling dat dit te wijten is aan opzet dan wel grove schuld van eiser maakt verweerder gebruik van bewijsvermoedens die hij baseert op de verklaringen van de penningmeester van de IUE, de verklaringen van getuigen en verdachten die betrokken zijn in het onderzoek van de IUE en verklaringen die andere belastingplichtigen hebben afgelegd tijdens diverse hoorgesprekken. Verweerder wijst verder op het Excelbestand met de uitgeschreven kwitanties waarin de naam van eiser voorkomt met drie donaties overeenkomstig de door eiser aan verweerder verstrekte kwitanties. Tevens wijst verweerder op de handgeschreven kasadministratie van de IUE waaruit valt op te maken dat eiser op 2 april 2014 een bedrag van € 240 heeft betaald.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb11d9bdd6fdd57fec58c1b5e5c907a66d5584cb22ba23e9150dbe4ef7c33a6d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb11d9bdd6fdd57fec58c1b5e5c907a66d5584cb22ba23e9150dbe4ef7c33a6d, en de alinea staat in dat document op bytes 17586 tot 18569.