Citaat | Rechtbank Den Haag 1 juni 2022
Onder 4.14. Rechtbank Den Haag 1 juni 2022
Een alinea uit Rechtbank Den Haag 1 juni 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:5165.
Zonder ook maar enigszins afbreuk te willen doen aan de ernst van de zojuist genoemde psychische problemen, kan dit betoog naar het oordeel van de rechtbank niet tot een ander (verjarings)oordeel leiden. Nog ervan afgezien dat de rechtbank bij inhoudelijke beoordeling van de vorderingen niet tot een (voortdurende) onrechtmatige toestand zal concluderen die in overeenstemming moet worden gebracht met artikel 1 EP, stuit het betoog af op de vaststelling van de rechtbank dat de meest wezenlijke schade die gevorderd wordt en die de kern vormt van deze procedure medio 1956 al was ontstaan. Dat betreft zoals gezegd de materiële en immateriële oorlogsschade ontstaan tijdens de Tweede Wereldoorlog. In zoverre bestaat er dan ook een verschil met de situatie in het zogenaamde TMG/Staat-arrest (Hoge Raad 4 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:677) waarbij eisers aansluiting zoeken: in die situatie bleef de (kern)schade wel doorlopend ontstaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8a8cfaf37c7b8ac82d218f053586fedf6656b7fcf8645a4386f95e2f12c7a00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8a8cfaf37c7b8ac82d218f053586fedf6656b7fcf8645a4386f95e2f12c7a00, en de alinea staat in dat document op bytes 85069 tot 86020.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e8a8cfaf37c7b8ac82d218f053586fedf6656b7fcf8645a4386f95e2f12c7a00 | shasum -a 256