Citaat | Rechtbank Den Haag 1 juni 2022

Onder 4.17. Rechtbank Den Haag 1 juni 2022

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 1 juni 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:5165.

De aangehaalde passage grijpt terug op hetgeen de minister eind december 2000 aan de Tweede Kamer had geschreven (zie 2.31), namelijk: “De regering stelt nogmaals voorop dat het voor rechthebbenden mogelijk blijft om individuele claims van (nabestaanden van) rechthebbenden, die voortvloeien uit het rechtsherstel, onder bepaalde voorwaarden alsnog in behandeling genomen worden. Uit overwegingen van coulance zal in die gevallen worden afgezien van een beroep op louter verjaring.” Deze passage zag op individuele claims in het kader van rechtsherstel ten aanzien van de zogenaamde Indische tegoeden. Analoog aan het onderzoek naar slapende Joodse tegoeden die in de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers in beslag waren genomen en na die oorlog niet waren geretourneerd, was een commissie Onderzoek Indische Tegoeden (de commissie Van Galen) geïnstalleerd die onderzoek heeft gedaan naar particuliere bank- en levensverzekeringstegoeden bij financieringsinstellingen in Indonesië en door de Japanners in beslag genomen particuliere eigendommen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8a8cfaf37c7b8ac82d218f053586fedf6656b7fcf8645a4386f95e2f12c7a00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8a8cfaf37c7b8ac82d218f053586fedf6656b7fcf8645a4386f95e2f12c7a00, en de alinea staat in dat document op bytes 87514 tot 88578.