Citaat | Rechtbank Den Haag 1 juni 2022

Onder 4.23. Rechtbank Den Haag 1 juni 2022

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 1 juni 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:5165.

1 juni 1956 procedures waren gestart tegen de Staat over de afwikkeling van de schade van slachtoffers van de Japanse bezetter; zo stelden een onderwijzer en een ex-KNIL-militair, weliswaar uiteindelijk tevergeefs, de Staat in rechtszaken die ook door de media werden gevolgd aansprakelijk voor gederfde salarisbetalingen tijdens de Japanse bezetting. Het gegeven dat reeds in de jaren vijftig is geprocedeerd – alsook overigens in de jaren zeventig (gerechtshof ’s-Gravenhage 1 mei 1975, NJ 1976, 235), staat ook eraan in de weg een vergelijking te maken met de zaak van de advocaat in wiens zaak de vijfjarige verjaringstermijn opzij werd geschoven omdat verontschuldigbaar was dat hij niet binnen die termijn een (tegen)vordering had ingesteld na in rechte te zijn betrokken door de Raad voor de rechtspraak, het Haagse gerechtsbestuur en een rechter en daarmee de Staat tegenover zich vond (HR 23 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2047).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8a8cfaf37c7b8ac82d218f053586fedf6656b7fcf8645a4386f95e2f12c7a00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8a8cfaf37c7b8ac82d218f053586fedf6656b7fcf8645a4386f95e2f12c7a00, en de alinea staat in dat document op bytes 95231 tot 96223.