Citaat | Rechtbank Den Haag 17 januari 2024

Onder 5.3. Rechtbank Den Haag 17 januari 2024

Een alinea uit Rechtbank Den Haag 17 januari 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:1746.

De rechtbank is van oordeel dat eisers als contracterende – en dus: onmiddellijk bij de rechtsverhouding betrokken – partijen bij het Convenant een voldoende eigen belang hebben voor zover zij verklaringen voor recht vorderen die zien op de uitleg van dat Convenant. Dat belang is niet minder doordat in de considerans staat dat met de in het Convenant opgenomen afspraken niet wordt beoogd in rechte afdwingbare rechten in het leven te roepen. Anders dan de Staat betoogt, betekent dit namelijk niet dat de afspraken in het Convenant juridisch geen betekenis hebben. Partijen hebben de afspraken in het Convenant immers bedoeld als basis voor verschillende nadere afspraken die wel in rechte afdwingbare rechten zouden bevatten (zie artikel 9 van het Convenant). Partijen hebben samen vervolgens ook daadwerkelijk bevorderd dat die nadere afspraken werden gemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5042efc9a38bd3f6451a39a92ac37e271aeec4b771cddf4028c4d9b669a1e5a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5042efc9a38bd3f6451a39a92ac37e271aeec4b771cddf4028c4d9b669a1e5a7, en de alinea staat in dat document op bytes 37851 tot 38737.