Citaat | Rechtbank Dordrecht 21 november 2012

Alinea 125 Rechtbank Dordrecht 21 november 2012

Een alinea uit Rechtbank Dordrecht 21 november 2012, ECLI:NL:RBDOR:2012:BY4583.

5.18. Wat betreft de schadeplichtigheid van [gedaagde in vrijwaringszaak] dient een vergelijking te worden gemaakt tussen enerzijds de feitelijke situatie waarin [gedaagde in hoofdzaak/eiseres in vrijwaringszaak] na de beroepsfout verkeert en anderzijds de hypothetische situatie waarin [gedaagde in hoofdzaak/eiseres in vrijwaringszaak] zou hebben verkeerd indien de beroepsfout niet had plaatsgevonden. Het doel van schadevergoeding is immers om [gedaagde in hoofdzaak/eiseres in vrijwaringszaak] in die positie te brengen waarin zij zou hebben verkeerd indien in het testament was bepaald dat de legitimaire vorderingen eerst opeisbaar waren na het overlijden van [gedaagde in hoofdzaak/eiseres in vrijwaringszaak].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69ec65c8b0e3951edbb7e78aa67ea7559d625786768cabde49ec810f7a425167. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69ec65c8b0e3951edbb7e78aa67ea7559d625786768cabde49ec810f7a425167, en de alinea staat in dat document op bytes 33056 tot 33787.