Citaat | Rechtbank Gelderland 19 maart 2014
Onder 6 Rechtbank Gelderland 19 maart 2014
Een alinea uit Rechtbank Gelderland 19 maart 2014, ECLI:NL:RBGEL:2014:1821.
De overige kosten die door [benadeelde 6] gevorderd worden, bestaande uit de kosten van de notaris in verband met de uitvoering van het testament van het slachtoffer (€ 631,25) en overige kosten ontstaan na het overlijden van het slachtoffer (onder meer bestaande uit verzekeringen die door zijn blijven lopen, totaal € 552,43) acht de rechtbank niet toewijsbaar nu deze niet zozeer samenhangen met de lijkbezorging dat deze voor vergoeding in aanmerking komen. Op grond van het bepaalde in artikel 51f van het Wetboek van Strafvordering komen die kosten ook niet uit anderen hoofde voor vergoeding in aanmerking. Het is geen rechtstreekse schade die door de benadeelde partij geleden is als gevolg van het bewezenverklaarde feit; de schade kan niet gebracht worden onder shockschade en er is geen sprake van een door de benadeelde onder algemene titel verkregen vordering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b9a8a960628cabee15d25f9629daab51aa46c4f0e4c727d4fa4e536b9d08402f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b9a8a960628cabee15d25f9629daab51aa46c4f0e4c727d4fa4e536b9d08402f, en de alinea staat in dat document op bytes 46080 tot 46970.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b9a8a960628cabee15d25f9629daab51aa46c4f0e4c727d4fa4e536b9d08402f | shasum -a 256