Citaat | Rechtbank Gelderland 19 maart 2014

Onder 8 Rechtbank Gelderland 19 maart 2014

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 19 maart 2014, ECLI:NL:RBGEL:2014:1821.

Ik heb de ladder tegen de muur gezet en ben via de logeerkamer binnengekomen. [slachtoffer] schrok wakker omdat ze iets hoorde en toen is er een worsteling ontstaan tussen ons. Ik heb de deken op haar mond gedrukt dat ze niet zoveel lawaai meer maakte. Ik heb het dekbed over haar heen gegooid. Er ontstond een worsteling. We kwamen op het nachtkastje terecht. Het kan zijn dat ik ook een kussen gegrepen heb. Ik heb haar met twee handen bij de keel gepakt terwijl ze die deken nog half over het hoofd had. Dat heeft best wel een poosje geduurd. Toen is ze weer op adem gekomen en begon weer te slaan en te schoppen en toen heb ik haar weer bij de keel gepakt op dezelfde manier als de eerste keer. Ik trok voor de tweede keer mijn handen terug maar ze ging door me te slaan. Toen heb ik haar weer de keel dicht geknepen. Ze probeerde te schreeuwen maar omdat ik de keel dicht geknepen had ging dat haast niet. Ik hoorde dat ze heel zwaar ademde. Toen ze niet meer bewoog en niet meer ademde ben ik gestopt. Toen ze niet meer bewoog dacht ik dat ze dood was. (p. 180 t/m 186).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b9a8a960628cabee15d25f9629daab51aa46c4f0e4c727d4fa4e536b9d08402f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b9a8a960628cabee15d25f9629daab51aa46c4f0e4c727d4fa4e536b9d08402f, en de alinea staat in dat document op bytes 69675 tot 70764.