Citaat | Rechtbank Gelderland 24 maart 2016

Alinea 33 Rechtbank Gelderland 24 maart 2016

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 24 maart 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:1663.

11. Verweerder concludeert tot ongegrondverklaring van het beroep. Verweerder stelt zich op het standpunt dat de door hem beschikte waarde niet te hoog is en dat bij de waardebepaling moet worden uitgegaan van een geobjectiveerde exploitatie van het recreatieterrein. Verweerder heeft ter onderbouwing van de vastgestelde waarde voor het recreatieterrein onder meer verwezen naar de landelijke taxatiewijzer Recreatie met waardepeildatum 1 januari 2014 op basis van de regionale kengetallen voor de regio Achterhoek. In bezwaar is er een nieuwe berekening gemaakt op basis van de operationele cashflow, waarbij het gemiddelde is genomen van de objectieve waardebepaling op basis van de regionale kengetallen en de door eiser gewijzigde aantallen. Daarnaast zijn de tarieven voor de exploitant bepaald aan de hand van de voorschriften in de taxatiewijzer Recreatie. Wat betreft de proceskostenvergoeding ten aanzien van de hoorzitting stelt verweerder zich op het standpunt dat de gehele hoorzitting 45 minuten heeft geduurd, dat elf objecten zijn besproken en dat derhalve een vergoeding van € 30 voor elk gegrond bezwaar een redelijke kostenvergoeding is, gelet op het uurloon van € 440,00 (€ 30 x 11 / 45 minuten) x 60 minuten) dat hier omgerekend tegenover staat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1f4a7973d34f704b7d19b1cd1386c42e911aaf0311ce7843a9b2729006fcf11c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1f4a7973d34f704b7d19b1cd1386c42e911aaf0311ce7843a9b2729006fcf11c, en de alinea staat in dat document op bytes 12044 tot 13330.