Citaat | Rechtbank Gelderland 16 juni 2016

Alinea 31 Rechtbank Gelderland 16 juni 2016

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 16 juni 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:3176.

9. De strafrechter heeft op 1 juni 2012 vonnis gewezen en heeft daarbij [A] vrijgesproken. Ten aanzien van [G] is de vrijspraak erop gebaseerd dat niet bewezen is dat sprake was van (voorwaardelijk) opzet bij [A] ten aanzien van het ten laste gelegde medeplegen van faillissementsfraude. Ten aanzien van [H] heeft de strafrechter overwogen dat [A] de curatoren heeft misleid en dat de boedel daardoor nadeel heeft geleden, maar dat dit niet als zodanig ten laste is gelegd, zodat vrijspraak moet volgen. In het strafvonnis zijn ook de handelingen van de andere verdachten besproken en beoordeeld. Het gaat daarbij om [F] en [J] . [F] werd wel veroordeeld. In het strafvonnis wordt [D] veelvuldig genoemd, maar komt de naam van eiseres niet voor.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0650e2c5aef085d77a16b5adb877d4a748979e82f7264a14706f4cd33a4d75e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0650e2c5aef085d77a16b5adb877d4a748979e82f7264a14706f4cd33a4d75e, en de alinea staat in dat document op bytes 13084 tot 13842.