Citaat | Rechtbank Gelderland 16 juni 2016

Alinea 75 Rechtbank Gelderland 16 juni 2016

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 16 juni 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:3176.

22. Eiseres beroept zich voor het recht op aftrek op de stelling dat zij de werkzaamheden van [D] in november 2004 heeft overgenomen en daardoor in feite een rechtsopvolger is van [D] . De betrokkenheid van [D] in de strafzaak was dientengevolge een smet op haar naam, zodat het in haar belang was om in de strafzaak voor verweer te zorgen. Eiseres heeft ter zitting voor het eerst gesteld dat sprake was van een overgang van een algemeenheid van goederen en dat hiertoe een overeenkomst is gesloten tussen [D] en eiseres. Niet is gesteld wat deze overeenkomst precies inhield. Hoewel verweerder de stellingen heeft betwist, is de overeenkomst niet overgelegd. Dit is ook niet aangeboden. De rechtbank merkt op dat voor een overgang van een algemeenheid van goederen ten minste nodig is de overdracht van activa of van de klantenkring. Daarover is niets gesteld of gebleken. Eiseres heeft ter zitting voor het eerst gesteld dat zij in 2005 prestaties heeft verricht aan [H] , maar dat is op zichzelf niet voldoende om een overdracht van een algemeenheid van goederen aan te nemen. De stelling ter zitting dat eiseres in 2005 een factuur heeft gestuurd aan [H] , waaruit zou blijken dat zij de activiteiten van [D] heeft overgenomen, is niet eerder ingenomen. Eiseres heeft deze factuur bovendien niet overgelegd en heeft ook niet toegelicht waaruit de gefactureerde werkzaamheden bestonden. Gemachtigde van verweerder heeft opgemerkt dat een dergelijke factuur niet bij haar bekend is en dat zij het bestaan ervan betwist. Gezien deze stand van zaken heeft eiseres onvoldoende gesteld ter onderbouwing van haar betoog dat sprake is geweest van een overgang van een algemeenheid van goederen. Nu bovendien de naam van eiseres in het strafvonnis nergens is genoemd en de gestelde overdracht niet spoort met de feiten die zijn opgenomen in het strafvonnis, heeft eiseres, op wie de bewijslast ter zake van het aftrekrecht rust, niet aannemelijk gemaakt dat sprake is geweest van een zodanige overname van de werkzaamheden van [D] door eiseres dat sprake is geweest van een overgang van een algemeenheid van goederen als bedoeld in artikel 31/37d van de Wet OB. Deze stellingen kunnen dus niet leiden tot een aftrekrecht voor eiseres van de advocaatkosten die ten behoeve van de strafprocedure tegen [A] zijn gemaakt. De vraag of dat wel had gekund als sprake zou zijn van een overgang van een algemeenheid van goederen tussen [D] en eiseres, hoeft derhalve niet te worden beantwoord.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0650e2c5aef085d77a16b5adb877d4a748979e82f7264a14706f4cd33a4d75e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0650e2c5aef085d77a16b5adb877d4a748979e82f7264a14706f4cd33a4d75e, en de alinea staat in dat document op bytes 26119 tot 28612.