Citaat | Rechtbank Gelderland 3 februari 2016

Onder 5.2. Rechtbank Gelderland 3 februari 2016

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 3 februari 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:614.

Anders dan Liander heeft betoogd, kan niet worden gezegd dat de overeenkomst van 1923 moet worden gekwalificeerd als een overeenkomst voor bepaalde tijd. Immers, als onweersproken staat vast dat destijds zowel de gemeente als PGEM de intentie hadden dat de overeenkomst voor zeer lange duur zou worden aangegaan. Een naar objectieve maatstaven vast te stellen einde van de overeenkomst is niet in de overeenkomst vastgelegd. Immers, ook al zou artikel 4 van de overeenkomst aldus moeten uitgelegd dat de overeenkomst geldt zolang als PGEM dat voor de uitoefening van haar bedrijf nodig acht (de gemeente is een andere mening toegedaan), is daarmee onduidelijk op welk tijdstip PGEM zou besluiten dat de noodzaak om leidingen in de gemeentegrond te hebben niet langer aanwezig is. Onder deze omstandigheden moet de overeenkomst van 1923 worden gekwalificeerd als een overeenkomst voor onbepaalde tijd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/235da8dae2d15fae0a32b1f8ad72177b8ec9668e3769ee5dc283e55c19883b67. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 235da8dae2d15fae0a32b1f8ad72177b8ec9668e3769ee5dc283e55c19883b67, en de alinea staat in dat document op bytes 25798 tot 26713.