Citaat | Rechtbank Gelderland 3 februari 2016

Onder 5.4. Rechtbank Gelderland 3 februari 2016

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 3 februari 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:614.

De overeenkomsten van 1923, 1976 en 2004 zijn alle aan te merken als een duurovereenkomst, die voor onbepaalde tijd is aangegaan. Of en, zo ja, onder welke voorwaarden zo’n overeenkomst opzegbaar is, wordt bepaald door de inhoud daarvan en door de van toepassing zijnde wettelijke bepalingen. Indien wet en overeenkomst niet voorzien in een regeling van de opzegging, geldt dat de overeenkomst in beginsel opzegbaar is. De eisen van redelijkheid en billijkheid kunnen in verband met de aard en inhoud van de overeenkomst en de omstandigheden van het geval meebrengen dat opzegging slechts mogelijk is indien een voldoende zwaarwegende grond voor opzegging bestaat. Uit diezelfde eisen kan, eveneens in verband met de aard en inhoud van de overeenkomst en de omstandigheden van het geval, voortvloeien dat een bepaalde opzegtermijn in acht moet worden genomen of dat de opzegging gepaard moet gaan met het aanbod tot betaling van een (schade)vergoeding (Hoge Raad 28 oktober 2011, NJ 2012, 685).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/235da8dae2d15fae0a32b1f8ad72177b8ec9668e3769ee5dc283e55c19883b67. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 235da8dae2d15fae0a32b1f8ad72177b8ec9668e3769ee5dc283e55c19883b67, en de alinea staat in dat document op bytes 27940 tot 28962.