Citaat | Rechtbank Gelderland 3 mei 2017

Onder 4.20. Rechtbank Gelderland 3 mei 2017

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 3 mei 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:2450.

[gedaagden] concludeert tot afwijzing van de vordering om haar te veroordelen rekening en verantwoording af te leggen op de volgende gronden. Ten eerste stelt zij dat zij reeds rekening en verantwoording heeft afgelegd op basis van het vonnis in kort geding van 28 april 2016. Als dat al anders is, dan bestaat er volgens [gedaagden] geen contractuele verplichting om in deze fase rekening en verantwoording af te leggen en al helemaal niet op de wijze als thans gevorderd. Mocht daarover anders worden geoordeeld, dan maakt de Gemeente volgens [gedaagden] misbruik van recht door de onderhavige vordering in te stellen. [gedaagden] doet voorts een beroep op overmacht, waartoe zij betoogt dat de ontvangen gelden zich hebben vermengd met haar overige vermogen, waardoor zij niet meer individualiseerbaar zijn. [mevrouw P] , [mevrouw Q] en [de heer R] betwisten dat zij een contractuele verplichting zijn aangegaan en dat hun een onrechtmatige daad valt te verwijten. Tenslotte betwist [gedaagden] dat haar een redelijke termijn is gesteld en betoogt zij dat er geen grond is voor de gevorderde dwangsom omdat de mantelovereenkomst zelf voorziet in de prikkel tot nakoming (conclusie van antwoord 105).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/decdce48cc66dedc45269aa74620d80e319f3e7d3323d4e6e2d8e45d106e4443. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt decdce48cc66dedc45269aa74620d80e319f3e7d3323d4e6e2d8e45d106e4443, en de alinea staat in dat document op bytes 89392 tot 90617.