Citaat | Rechtbank Gelderland 23 februari 2017
Alinea 72 Rechtbank Gelderland 23 februari 2017
Een alinea uit Rechtbank Gelderland 23 februari 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:883.
23. Voor het antwoord op de vraag of sprake is van een nieuw feit dient beoordeeld te worden of de navorderingsaanslag voortvloeit uit feiten die bij het opleggen van de primitieve aanslag reeds bij de inspecteur bekend waren of redelijkerwijs bekend hadden kunnen zijn. Volgens vaste jurisprudentie mag de inspecteur bij het vaststellen van de aanslag uitgaan van de juistheid van de gegevens die de belastingplichtige in zijn aangifte heeft vermeld. Tot een nader onderzoek is de inspecteur in beginsel niet gehouden. Wel is hij tot een nader onderzoek gehouden indien hij, na met een normale zorgvuldigheid kennis te hebben genomen van de inhoud van de aangifte, aan de juistheid van enig daarin opgenomen gegeven of het ontbreken daarvan, in redelijkheid behoort te twijfelen (Hoge Raad 6 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2890). Bij een geïntegreerde wijze van behandeling van aangiften mag van een tot het desbetreffende team behorende ambtenaar worden verwacht dat hij een teamgenoot in kennis stelt van door hem bij de beoordeling van een aangifte waargenomen opvallende veranderingen, indien hij het mogelijke belang van het attenderen van een teamgenoot - in verband met het regelen van aanslagen waarmee die teamgenoot is belast - op dat gegeven redelijkerwijs moet inzien (vergelijk Hoge Raad 8 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT3405).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cc7cda3b1074928a2420dabf277e8d4914fcfa4f548834e2cf6fa61bc0008f5d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cc7cda3b1074928a2420dabf277e8d4914fcfa4f548834e2cf6fa61bc0008f5d, en de alinea staat in dat document op bytes 22341 tot 23694.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cc7cda3b1074928a2420dabf277e8d4914fcfa4f548834e2cf6fa61bc0008f5d | shasum -a 256