Citaat | Rechtbank Gelderland 5 januari 2018

Alinea 30 Rechtbank Gelderland 5 januari 2018

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 5 januari 2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:3.

7. Eiser heeft niet aangetoond dat hij pas vanaf een later moment dan 26 januari 2016 met de auto gebruikgemaakt heeft van de Nederlandse weg. Hij stelt dat zijn partner pas vanaf het moment dat hij naar de [A-straat 1] in [Z] is verhuisd, te weten 20 mei 2016, veelvuldig bij hem verbleef. Tot die tijd stonden zij weliswaar beiden ingeschreven op het adres aan de [A-straat 2] in [Z] , maar zijn partner woonde toen de meeste tijd in Frankrijk. De inschrijving in de BRP was primair bedoeld om een BSN te verkrijgen, aldus eiser. Eiser heeft zijn stellingen weliswaar onderbouwd met een brief van de gemeente Utrecht over het BSN, maar daarmee is nog niet aangetoond dat de partner voor 20 mei 2016 niet in Nederland verbleef. De wet knoopt aan bij de inschrijving in de BRP en hetgeen eiser daartegenover stelt is onvoldoende. Daarbij is van belang dat de bewijslast en dus het bewijsrisico in dit kader op hem rust. De naheffingsaanslag is daarom op juiste gronden en tot het juiste bedrag opgelegd. Het beroep van eiser is in zoverre ongegrond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/adbf5d0eb6438a57b564f69fd40a621300e789bc67e2da5f12fdf526495b3015. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt adbf5d0eb6438a57b564f69fd40a621300e789bc67e2da5f12fdf526495b3015, en de alinea staat in dat document op bytes 12710 tot 13772.