Citaat | Rechtbank Gelderland 8 januari 2019
Onder 4.5. Rechtbank Gelderland 8 januari 2019
Een alinea uit Rechtbank Gelderland 8 januari 2019, ECLI:NL:RBGEL:2019:46.
Op grond van artikel 254 Rv is de voorzieningenrechter bevoegd om een voorziening bij voorraad te geven in alle spoedeisende zaken waarin dat, gelet op de belangen van partijen, vereist is. Een spoedeisend belang bij een voorziening heeft de eiser van wie men niet kan vergen dat hij een bodemprocedure afwacht. Of men van de eiser kan vergen dat hij een bodemprocedure afwacht, hangt af van (onder meer) het voorlopig karakter van het rechterlijk oordeel. Ook hangt dit af van de vraag hoe ingrijpend de gevolgen zijn van het uitblijven of verlenen van de voorziening (HR 15 december 1995, NJ 1996, 509). De enkele omstandigheid dat een eiser geruime tijd heeft laten verstrijken voordat hij een kort geding start, hoeft de voorzieningenrechter er niet van te weerhouden om een spoedeisend belang aan te nemen (HR 29 juni 2001, NJ 2001, 602).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9f238793b294fd4ccb4c94c56777017b1e930ec215ac29247ad034245cf28efa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9f238793b294fd4ccb4c94c56777017b1e930ec215ac29247ad034245cf28efa, en de alinea staat in dat document op bytes 33325 tot 34252.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9f238793b294fd4ccb4c94c56777017b1e930ec215ac29247ad034245cf28efa | shasum -a 256