Citaat | Rechtbank Gelderland 16 maart 2020

Onder 6.1. Rechtbank Gelderland 16 maart 2020

Een alinea uit Rechtbank Gelderland 16 maart 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:1836.

Eiser heeft in zijn aanvullende gronden met name gesteld dat er geen concrete aanwijzingen zijn dat in of vanuit de woning werd gehandeld. Eiser stelt dat uit de bestuurlijke rapportage van 12 november 2019 niet blijkt dat sprake is geweest van handel vanuit de woning. Dit is volgens eiser slechts een stelling die niet wordt onderbouwd. Om deze stelling te weerspreken heeft de gemachtigde van eiser (die ook de gemachtigde van een van de zoons is in het strafproces) een proces-verbaal van een verhoor van [zoon] overgelegd, waarin [zoon] verklaart dat niemand anders dan hijzelf wist van de drugs in de woning.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/565c5570a498bc0c282a57554dc625282f7fc74edec6a51b40a11b7ceef1f40b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 565c5570a498bc0c282a57554dc625282f7fc74edec6a51b40a11b7ceef1f40b, en de alinea staat in dat document op bytes 14547 tot 15174.