Citaat | Rechtbank Gelderland 24 juni 2020
Onder 7.7. Rechtbank Gelderland 24 juni 2020
Een alinea uit Rechtbank Gelderland 24 juni 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:3039.
Voor de verwijten die [eiser 3] heeft geformuleerd onder B geldt dat zij geen aanvullende omstandigheden heeft gesteld die leiden tot een ander oordeel dan in de collectieve procedure. Voor de vorderingen die hun grondslag vinden in het niet voldoen aan toentertijd geldende wet- en regelgeving verwijst de rechtbank naar het oordeel dat over de collectieve vorderingen is gegeven. Daar waar [eiser 3] gepoogd heeft nieuwe grondslagen te formuleren, heeft zij deze niet verder onderbouwd, zodat hieraan voorbij wordt gegaan. Ten aanzien van de kosten en de wilsovereenstemming geldt eveneens dat de beoordeling in het collectieve deel van de procedure hier ook van toepassing is. Hierbij neemt de rechtbank ook in haar oordeel mee dat het op de weg van [eiser 3] had gelegen om onderbouwd te stellen wat de hoogte van de ORV premie in redelijkheid had moeten zijn. Dit heeft zij nagelaten en dat komt voor haar risico.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e2b5272eec9ae3e051640f73e30f22824573555f2312c12ce3b34531105c1d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e2b5272eec9ae3e051640f73e30f22824573555f2312c12ce3b34531105c1d7, en de alinea staat in dat document op bytes 189406 tot 190338.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6e2b5272eec9ae3e051640f73e30f22824573555f2312c12ce3b34531105c1d7 | shasum -a 256