Citaat | Rechtbank Haarlem 22 mei 2007
Alinea 88 Rechtbank Haarlem 22 mei 2007
Een alinea uit Rechtbank Haarlem 22 mei 2007, ECLI:NL:RBHAA:2007:BA5466.
De man stelt dat het eigen vermogen van de onderneming wordt gevormd door het saldo op de rekeningen bij de ABN AMRO en de Posbank (bestanddelen m. en n.), en dat het standpunt van de vrouw dat het saldo van deze rekeningen tussen partijen dient te worden verdeeld in beginsel juist is. De man betwist dat er sprake is van goodwill, althans niet van zakelijke onbelichaamde goodwill. De man verzoekt de onderneming en de daarbij horende rekeningen om niet aan hem toe te scheiden. Hij voert daartoe aan dat indien dit niet gebeurt hij geen ondernemingskapitaal zal hebben om zijn onderneming draaiende te houden. Het is volgens de man ook in het belang van de vrouw dat hij zijn onderneming kan continueren, nu uit de (beperkte) winst uit de onderneming de alimentatie voor de vrouw wordt betaald. De man wijst er daarbij nog op dat hij gebruik maakt van de FOR-regeling, hetgeen hem gedurende het huwelijk en ook thans een fiscaal voordeel oplevert. Bij het staken van de onderneming zal hij ter zake dienen af te rekenen met de fiscus. Indien de vrouw haar aanspraak op de helft van het eigen vermogen van de onderneming niet laat vallen, dan dient zij volgens de man ter zijner tijd ook mee te betalen aan de fiscale claim uit hoofde van de FOR-regeling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f58a3cc50f0b4271311c4e1d493301572471e804e499541db5f950e1ec320af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f58a3cc50f0b4271311c4e1d493301572471e804e499541db5f950e1ec320af, en de alinea staat in dat document op bytes 20731 tot 22003.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0f58a3cc50f0b4271311c4e1d493301572471e804e499541db5f950e1ec320af | shasum -a 256