Citaat | Rechtbank Haarlem 28 januari 2009

Alinea 91 Rechtbank Haarlem 28 januari 2009

Een alinea uit Rechtbank Haarlem 28 januari 2009, ECLI:NL:RBHAA:2009:BH1221.

5.27. Het gegeven dat dit tussenvonnis bindende eindbeslissingen bevat, brengt met zich dat de rechtbank daarop, behoudens uitzonderingen, in haar eindvonnis niet zal kunnen terugkomen. In NJ 2008, 553 heeft de Hoge Raad, voor wat betreft die uitzonderingen, overwogen dat de eisen van een goede procesorde meebrengen dat de rechter, aan wie is gebleken dat een eerdere door hem gegeven, maar niet in een einduitspraak vervatte, eindbeslissing berust op een onjuiste juridische of feitelijke grondslag, bevoegd is om, nadat partijen de gelegenheid hebben gekregen zich dienaangaande uit te laten, over te gaan tot heroverweging van die eindbeslissing, teneinde te voorkomen dat hij op een ondeugdelijke grondslag een einduitspraak zou doen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f03c7a79482ed46aa83095e392e117d24f07d064672a0a5ae1893485c0a4fc8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f03c7a79482ed46aa83095e392e117d24f07d064672a0a5ae1893485c0a4fc8b, en de alinea staat in dat document op bytes 33589 tot 34343.