Citaat | Rechtbank Haarlem 3 februari 2009

Alinea 38 Rechtbank Haarlem 3 februari 2009

Een alinea uit Rechtbank Haarlem 3 februari 2009, ECLI:NL:RBHAA:2009:BH1908.

2.3 Nu de notitie Q een op de zaak betrekking hebbend stuk is, moet het in beginsel in zijn geheel door verweerder worden overgelegd. Het bepaalde in artikel 8:29 Awb biedt voorts de mogelijkheid een op de zaak betrekking hebbend stuk voor eiser geheim te houden indien daartoe gewichtige redenen bestaan. Gewichtige redenen zijn in ieder geval niet aanwezig voor zover ingevolge de Wet openbaarheid van bestuur de verplichting zou bestaan een verzoek om informatie, vervat in de over te leggen stukken, in te willigen. Van zo’n verplichting is gesteld noch gebleken. Beslissend bij de beantwoording van de vraag of verweerder zich met betrekking tot de notitie Q terecht op geheimhouding beroept is of de door verweerder voor geheimhouding aangevoerde redenen zwaarder wegen dan het belang dat eiser heeft bij kennisneming.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8f58f0f7c5e091fbb092258cf1d3bed23a0fa8c09652070c5a7fced4b931efe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8f58f0f7c5e091fbb092258cf1d3bed23a0fa8c09652070c5a7fced4b931efe, en de alinea staat in dat document op bytes 14078 tot 14917.