Citaat | Rechtbank Haarlem 23 november 2009
Alinea 57 Rechtbank Haarlem 23 november 2009
Een alinea uit Rechtbank Haarlem 23 november 2009, ECLI:NL:RBHAA:2009:BK4449.
4.1. Partijen zijn eensluidend van mening dat de aan G B.V. in rekening gebrachte heffingsrente geen schuld is van eiser, maar van G B.V. en dat de fiscale wetgeving geen titel biedt om deze heffingsrente op eiser te verhalen, anders dan geldt voor de loonbelasting. Nu deze standpunten geen blijk geven van een onjuiste rechtsopvatting, zal de rechtbank partijen hierin volgen. Er moet daarom van worden uitgegaan dat de afspraak tussen eiser en G B.V. en de daarin overeengekomen betaling van eiser aan G B.V. berust op de keuze van eiser om een bedrag gelijk aan de heffingsrente aan deze vennootschap te voldoen. Dit brengt mee dat de betaling van eiser aan G B.V. niet haar oorzaak vindt in de dienstbetrekking – zo daarvan in de relatie tussen eiser en G B.V. al sprake is –, maar voortkomt uit privé-overwegingen. Het bedrag dat eiser aan G B.V. heeft betaald staat weliswaar in relatie tot de door deze vennootschap verschuldigde heffingsrente, maar in de verhouding van G B.V. en eiser kan niet worden gezegd dat de betaling voortvloeit uit de dienstbetrekking.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef4b59c20ce47a59c1f79876252416969575684e6680198478393ac3de46724f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef4b59c20ce47a59c1f79876252416969575684e6680198478393ac3de46724f, en de alinea staat in dat document op bytes 14374 tot 15462.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ef4b59c20ce47a59c1f79876252416969575684e6680198478393ac3de46724f | shasum -a 256