Citaat | Rechtbank Haarlem 8 december 2010

Alinea 175 Rechtbank Haarlem 8 december 2010

Een alinea uit Rechtbank Haarlem 8 december 2010, ECLI:NL:RBHAA:2010:BO8985.

Verdachte heeft zich samen met een ander of anderen telkens schuldig gemaakt aan mensenhandel, door de aangevers [slachtoffer 1], [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] door misleiding ertoe te bewegen telefoon-abonnementen af te sluiten en de verkregen telefoons aan haar of haar medeverdachte, tevens vriend, [medeverdachte] af te geven. De aangevers was voorgespiegeld dat dit “promotiewerk” betrof met als doel het klantenaantal alsmede de verkoopcijfers van de betreffende telefoonwinkels te doen stijgen. Aangevers zouden een geldelijke vergoeding voor hun diensten krijgen en verder niets meer van de zaak horen, omdat hun gegevens uit het systeem zouden worden gehaald. Nadien zijn de aangevers echter toch geconfronteerd met vorderingen van de telefoonmaatschappijen, die – nog steeds – oplopen tot duizenden euro’s. Hoewel de aangevers, de een meer dan de ander, vermoedden dat bepaalde zaken niet pluis zaten, heeft verdachte de aangevers met haar handige leugens er telkens toe bewogen de bewuste diensten te verrichten. Hierdoor zijn de aangevers ernstig gedupeerd. Niet alleen is hen financieel nadeel toegebracht, ook is misbruik gemaakt van het vertrouwen dat zij in verdachte hadden gesteld. Verdachte en haar medeverdachte(n) hebben zich kennelijk laten leiden door puur financieel gewin. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan, te meer nu zij geen enkele verantwoordelijkheid voor haar strafbare handelen heeft genomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4dcf3c4f5c93f11985bac00e199883975dc1da5ad3ed1aa0b1095c085a3f630. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4dcf3c4f5c93f11985bac00e199883975dc1da5ad3ed1aa0b1095c085a3f630, en de alinea staat in dat document op bytes 41399 tot 42862.