Citaat | Rechtbank Haarlem 19 april 2012
Alinea 125 Rechtbank Haarlem 19 april 2012
Een alinea uit Rechtbank Haarlem 19 april 2012, ECLI:NL:RBHAA:2012:BW3602.
5.2. Ten aanzien van de proceskosten voor zowel de bezwaar- als ook de beroepsfase overweegt de rechtbank als volgt. Op grond van de inhoud van de stukken en het verhandelde ter zitting is de rechtbank van oordeel dat niet aannemelijk is geworden dat sprake is van bijzondere omstandigheden als bedoeld in het Besluit. In de eerste plaats is verweerder niet verplicht om een uitspraak op bezwaar aan te houden als een belastingplichtige daarom vraagt. Het feit dat al een zaak aanhangig is over een vergelijkbaar feitencomplex, kan een reden zijn om een uitspraak aan te houden doch verplicht verweerder daartoe niet. Bovendien is bedoelde aanhangige zaak niet identiek aan de zaken van eiser. Zo is in de andere zaak geen sprake van een geschilpunt over een aanhorigheid. Daarnaast zijn aan eiser boetes opgelegd en is verweerder daarom gehouden voortvarend te handelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f983fa86c30761b8b28607fadb68fcab787b9714edf13fdd6d770a5baa8476ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f983fa86c30761b8b28607fadb68fcab787b9714edf13fdd6d770a5baa8476ba, en de alinea staat in dat document op bytes 35396 tot 36280.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f983fa86c30761b8b28607fadb68fcab787b9714edf13fdd6d770a5baa8476ba | shasum -a 256