Citaat | Rechtbank Haarlem 30 november 2012

Alinea 36 Rechtbank Haarlem 30 november 2012

Een alinea uit Rechtbank Haarlem 30 november 2012, ECLI:NL:RBHAA:2012:BY5387.

De voorzieningenrechter concludeert uit het vorengaande dat de wetgever met de toevoeging “dan wel daartoe aanwezig is”, heeft bedoeld dat voor de toepassing van artikel 13b van de Opiumwet er sprake moet zijn van het verkopen, afleveren of verstrekken van drugs vanuit het betreffende pand dan wel van de aanwezigheid van drugs om in of vanuit dat pand te worden verkocht. Er moet derhalve sprake zijn van een verkooppunt. Het enkele aantreffen van een hoeveelheid verdovende middelen die de hoeveelheid voor eigen gebruik overstijgt, maar die elders zullen worden verkocht, is voor toepassing van artikel 13b van de Opiumwet onvoldoende.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01f3faa2f1de1c6c690d68c5d801ee98b1617b973b18c2417c5bc13daf196c8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01f3faa2f1de1c6c690d68c5d801ee98b1617b973b18c2417c5bc13daf196c8b, en de alinea staat in dat document op bytes 17132 tot 17788.