Citaat | Rechtbank Haarlem 21 december 2012

Alinea 219 Rechtbank Haarlem 21 december 2012

Een alinea uit Rechtbank Haarlem 21 december 2012, ECLI:NL:RBHAA:2012:BY7075.

Naar het oordeel van de rechtbank slaagt dit betoog van de raadslieden. De rechtbank acht, anders dan de officieren van justitie, niet bewezen dat de inhoud van artikel 6 onder b van de koopovereenkomst tussen Philips en [vennootschap 2] van 1 februari 2006 vals is. De gewraakte zin uit de koopovereenkomst moet naar het oordeel van de rechtbank namelijk zo worden begrepen, dat [vennootschap 2] het vastgoedpakket koopt als beleggingsobject - namelijk met het handelsdoel door te verkopen - en dat dit beleggingsobject (uiteindelijk) bestemd is voor - kort samengevat - verhuur en verkoop, doch niet dat [vennootschap 2] het vastgoedpakket zelf als zodanig zou gaan gebruiken. [vennootschap 2] heeft in dat kader het verkochte als beleggingsobject gebruikt, evenals haar opvolgende verkrijgers van het verkochte, waaronder (uiteindelijk) Fortis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a6a4e64c970635c4b6fcff0d58a20ee64022c2f8a7cedae345fb3c0046c5e4ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a6a4e64c970635c4b6fcff0d58a20ee64022c2f8a7cedae345fb3c0046c5e4ac, en de alinea staat in dat document op bytes 64102 tot 64962.