Citaat | Rechtbank Haarlem 21 december 2012

Alinea 247 Rechtbank Haarlem 21 december 2012

Een alinea uit Rechtbank Haarlem 21 december 2012, ECLI:NL:RBHAA:2012:BY7075.

Volgens verdachte heeft [medeverdachte 1] in november of december 2005 contact met hem opgenomen met de vraag of hij, verdachte, een bepaalde transactie wilde doen en wilde begeleiden. In het eerste gesprek hierover vertelde [medeverdachte 1] hem dat hij betrokken was bij een aanstaande aankoop van onroerend goed van Philips. [medeverdachte 1] heeft verdachte een aantal ordners gegeven om zich de materie eigen te maken. In de ordners zaten onder andere een beschrijving van het onroerend goed, eigendomsbewijzen van Philips en een aankoopbevestiging van Fortis. Volgens verdachte was in het eerste gesprek ook al aangegeven dat op of rond 1 februari 2006 het passeren van de aktes moest plaatsvinden. De afspraken die tussen verdachte en [medeverdachte 1] zijn gemaakt over de werkzaamheden van verdachte in het kader van het project 126 zijn door verdachte niet schriftelijk vastgelegd99. Het was volgens verdachte de eerste keer dat hij een transactie voor [medeverdachte 1] deed met een omvang van meer dan tien-twintig miljoen.100

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a6a4e64c970635c4b6fcff0d58a20ee64022c2f8a7cedae345fb3c0046c5e4ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a6a4e64c970635c4b6fcff0d58a20ee64022c2f8a7cedae345fb3c0046c5e4ac, en de alinea staat in dat document op bytes 74603 tot 75655.