Citaat | Rechtbank Leeuwarden 19 december 2007

Alinea 43 Rechtbank Leeuwarden 19 december 2007

Een alinea uit Rechtbank Leeuwarden 19 december 2007, ECLI:NL:RBLEE:2007:BC0688.

3.2. Van Geenhuizen q.q. heeft aan zijn vordering ten grondslag gelegd dat hij als bewindvoerder bevoegd gebruik heeft gemaakt van de hem in artikel 299 lid 3 juncto 58 Fw gegeven mogelijkheid om de Bank of Scotland een termijn te stellen om tot uitoefening van haar rechten als separatist over te gaan. Nu de Bank of Scotland geen gebruik heeft gemaakt van haar rechten en zij het onderpand waarop haar hypotheek rust niet binnen de gestelde termijn heeft verkocht, kon Van Geenhuizen q.q. het onderpand opeisen en conform de artikelen 101 en 176 Fw verkopen. De Bank of Scotland heeft daarmee haar positie als separatist verloren en moet haar vordering ter verificatie indienen, waarbij zij meedeelt in de omslag van de algemene kosten van de bewindvoering, aldus Van Geenhuizen q.q.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c8dd08013d394b6aded6967c504aa3b6a33c2854d47120507ba6be1f000d0b93. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c8dd08013d394b6aded6967c504aa3b6a33c2854d47120507ba6be1f000d0b93, en de alinea staat in dat document op bytes 9590 tot 10388.