Citaat | Rechtbank Leeuwarden 9 juni 2011

Alinea 31 Rechtbank Leeuwarden 9 juni 2011

Een alinea uit Rechtbank Leeuwarden 9 juni 2011, ECLI:NL:RBLEE:2011:BR4875.

4.3 De rechtbank is met eiseres van oordeel dat verweerder in het primaire besluit van 10 september 2009 ten onrechte niet tot uitdrukking heeft gebracht dat de wachttijd met toepassing van artikel 7:629, elfde lid, aanhef en onder a, van het BW is verlengd met de duur van de vertraging ten gevolge de te late indiening van de WIA-aanvraag. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder dit gebrek hersteld in het bestreden besluit, meer in het bijzonder in het daarvan deel uitmakende rapport van bezwaararbeidsdeskundige Ooms van 4 februari 2010. Het feit dat Ooms in haar rapportage niet expliciet overweegt dat toepassing is gegeven aan artikel 7:629, elfde lid, aanhef en onder a, van het BW, doet hier niet aan af. Uit het rapport blijkt duidelijk dat Ooms bedoeld heeft te zeggen dat toepassing is gegeven aan deze bepaling. Naar het oordeel van de rechtbank past deze aanvulling van de grondslag en de motivering van de verlenging van de loondoorbetalingsverplichting binnen de grenzen van de volledige heroverweging in bezwaar.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b05d5fb32277bd7e79dcf922069e82d7c73ae763105b4c4f0489eaa26a557756. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b05d5fb32277bd7e79dcf922069e82d7c73ae763105b4c4f0489eaa26a557756, en de alinea staat in dat document op bytes 15076 tot 16134.