Citaat | Rechtbank Leeuwarden 28 april 2011
Alinea 83 Rechtbank Leeuwarden 28 april 2011
Een alinea uit Rechtbank Leeuwarden 28 april 2011, ECLI:NL:RBLEE:2011:BR5241.
Subsidiair stelt eiseres zich op het standpunt dat op verweerder volgens de normale bewijslastverdeling de last rust om aannemelijk te maken dat de vereiste aangifte niet is gedaan. Eiseres acht verweerder hierin niet geslaagd, waarbij zij in het bijzonder wijst op het feit dat de aangiftebiljetten IB/PVV 1993/VB1994 en IB/PVV 1994/VB 1995 niet meer aanwezig zijn. Voorts stelt eiseres dat er geen inkomen genoten is dat in die aangifte verantwoord had moeten worden. Ten aanzien van het vermogen stelt eiseres dat verweerder niet aannemelijk gemaakt heeft dat zij en/of haar echtgenoot tot het vermogen gerechtigd waren en niet [X]. Meer subsidiair stelt zij dat zij slechts gerechtigd was tot een vermogen van f 56.207 en dat de navorderingsaanslagen en verhogingen tot deze grondslag beperkt dienen te worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2dba3a726e2f674aaf8573ac098080bca560fe9d19d43b118e9d3b1a682d2c3c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2dba3a726e2f674aaf8573ac098080bca560fe9d19d43b118e9d3b1a682d2c3c, en de alinea staat in dat document op bytes 22634 tot 23461.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2dba3a726e2f674aaf8573ac098080bca560fe9d19d43b118e9d3b1a682d2c3c | shasum -a 256