Citaat | Rechtbank Leeuwarden 22 november 2011

Alinea 231 Rechtbank Leeuwarden 22 november 2011

Een alinea uit Rechtbank Leeuwarden 22 november 2011, ECLI:NL:RBLEE:2011:BU9123.

3.9 Wat betreft eiseres' grief dat zij niet hoeft mee te werken aan haar eigen strafvervolging inzake het bezit van softdrugs op grond van de Opiumwet, stelt de rechtbank vast dat de vraag van verweerder om overlegging van de inkoopadministratie uitsluitend is gesteld in het belang van de belastingheffing en dat deze daarmee het kader van artikel 47 van de AWR niet te buiten ging. Dat verweerder mogelijk verplicht is om deze inlichtingen te verstrekken aan het Openbaar Ministerie doet daar, naar het oordeel van de rechtbank, niet aan af. Volgens vaste jurisprudentie leidt het voldoen aan een dergelijke inlichtingenverplichting niet tot zelfincriminatie (Hoge Raad 27 februari 2004, LJN: AF5556). Eiseres heeft tevens aangevoerd dat zij, als er sprake is van een "fishing expedition", ingevolge het arrest 'J.B. vs Zwitserland' (Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 3 mei 2001, nr. 31827/96, BNB 2002/26) niet verplicht is om de gevraagde gegevens te verstrekken. Dit standpunt kan eiseres naar het oordeel van de rechtbank niet baten, nu in geval van een concreet verzoek als het onderhavige met betrekking tot gegevens waarvan vaststaat dat eiseres daarover beschikt, niet kan worden gesproken van een fishing expedition als bedoeld in laatstgenoemd arrest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f0e8eaa0ab9c8cf1618d0deb822e4a46afacc855161167edcf0e898cecd5bca7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f0e8eaa0ab9c8cf1618d0deb822e4a46afacc855161167edcf0e898cecd5bca7, en de alinea staat in dat document op bytes 52702 tot 53987.