Citaat | Rechtbank Leeuwarden 3 juli 2012
Alinea 79 Rechtbank Leeuwarden 3 juli 2012
Een alinea uit Rechtbank Leeuwarden 3 juli 2012, ECLI:NL:RBLEE:2012:BY6192.
Eiseres heeft verzocht om vergoeding van de proceskosten in bezwaar en beroep met een hogere factor voor de ingewikkeldheid van de zaak. Nu het beroep ongegrond is verklaard, ziet de rechtbank geen aanleiding voor een vergoeding van kosten van de beroepsfase. Ten aanzien van eiseres' verzoek om een hogere vergoeding van de kosten in de bezwaarfase oordeelt de rechtbank als volgt. Bij brief van 1 april 2010 is een proceskostenvergoeding toegekend van € 54,50. Voor toekenning van een proceskostenvergoeding in de bezwaarfase is slechts plaats indien de aanslag wordt verminderd wegens aan verweerder te wijten onrechtmatigheid. Verweerder heeft de aanslag verminderd wegens een vermeende rekenfout bij het vaststellen van de aanslag. Hiervan was echter geen sprake. Naar het oordeel van de rechtbank kan dan niet worden gezegd dat sprake is van een aan verweerder te wijten onrechtmatigheid en was voor een proceskostenvergoeding in de bezwaarfase ook geen plaats. De rechtbank ziet daarom evenmin aanleiding voor een aanvullende vergoeding van de kosten van het bezwaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/abbfb2537390c3c527ddb558740ddc6bc1d16a5188285fa9189dec42ad1304a4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt abbfb2537390c3c527ddb558740ddc6bc1d16a5188285fa9189dec42ad1304a4, en de alinea staat in dat document op bytes 27945 tot 29034.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/abbfb2537390c3c527ddb558740ddc6bc1d16a5188285fa9189dec42ad1304a4 | shasum -a 256