Citaat | Rechtbank Limburg 19 februari 2014
Onder 2.8. Rechtbank Limburg 19 februari 2014
Een alinea uit Rechtbank Limburg 19 februari 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:2997.
De kantonrechter is van oordeel dat het verweer van [gedaagde] - in het licht bezien van de stellingen en overgelegde stukken van [eiseres] - onvoldoende feitelijk onderbouwd en uitgewerkt is en dat gelet hierop het algemene bewijsaanbod van [gedaagde] gepasseerd dient te worden. Ten aanzien van de stellingen van [gedaagde] dat [eiseres] bepaalde werkzaamheden niet conform opdracht verricht heeft dan wel werkzaamheden verricht heeft waarvoor geen opdracht gegeven is en voor bepaalde werkzaamheden te veel tijd gerekend heeft, oordeelt de kantonrechter dat [gedaagde] nagelaten heeft een en ander substantieel te onderbouwen en te verbijzonderen. Dit geldt temeer nu [eiseres] bij het exploot van dagvaarding (producties 2b en 3b) de gespecificeerde declaratieoverzichten overgelegd heeft, waaruit blijkt op welke momenten door [eiseres] werkzaamheden verricht zijn, welke aard deze werkzaamheden hadden, hoeveel tijd daaraan besteed is en welk honorarium daarvoor in rekening gebracht is. Het had op de weg van [gedaagde] gelegen specifieker te stellen welke van de in de gespecificeerde declaratieoverzichten weergegeven werkzaamheden niet conform opdracht verricht zijn of voor welke daarin genoemde werkzaamheden geen opdracht gegeven is. De aldus onvoldoende gemotiveerd betwiste declaraties moeten dus voor juist en terecht gehouden worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d8e52d8ad915ea48a6f8087db43accb3a4f2ddea1948aa33d899df064a151f35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d8e52d8ad915ea48a6f8087db43accb3a4f2ddea1948aa33d899df064a151f35, en de alinea staat in dat document op bytes 10422 tot 11786.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d8e52d8ad915ea48a6f8087db43accb3a4f2ddea1948aa33d899df064a151f35 | shasum -a 256