Citaat | Rechtbank Limburg 28 januari 2014
Onder 4.3 Rechtbank Limburg 28 januari 2014
Een alinea uit Rechtbank Limburg 28 januari 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:708.
Dat [naam getuige 1] tijdens zijn derde en laatste verhoor bij de rechter-commissaris, op 9 oktober 2013, inmiddels bijna 14 maanden na de bewuste nacht, niet heeft verklaard dat verdachte in de auto reeds zei dat de jongen dood moest, kan naar het oordeel van de rechtbank aan de betrouwbaarheid van zijn verklaringen in het algemeen niet afdoen. Dit laat zich immers niet alleen goed verklaren door het tijdsverloop, maar ook kan het simpelweg zo zijn dat op dit punt niet (door)gevraagd is. [naam getuige 1] heeft daarbij tijdens dit laatste verhoor niets verklaard wat in strijd is met zijn eerder afgelegde, zeer gedetailleerde verklaringen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9b2ca5d2c0b73802c3892910de55450b60308305c696d11115b00272d98fda69. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9b2ca5d2c0b73802c3892910de55450b60308305c696d11115b00272d98fda69, en de alinea staat in dat document op bytes 43870 tot 44529.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9b2ca5d2c0b73802c3892910de55450b60308305c696d11115b00272d98fda69 | shasum -a 256