Citaat | Rechtbank Limburg 4 februari 2015

Onder 5.14. Rechtbank Limburg 4 februari 2015

Een alinea uit Rechtbank Limburg 4 februari 2015, ECLI:NL:RBLIM:2015:3155.

De rechtbank is van oordeel dat voor de uitleg van de bepaling als door [gedaagde hoofdzaak, eiser vrijwaringszaak] betoogd geen steun gevonden kan worden. Reeds taalkundig gezien worden er naar het oordeel van de rechtbank zonder meer vier zelfstandige uitzonderingsgronden genoemd. De rechtbank overweegt daarenboven dat voor een koppeling van (uitsluitend) de gronden genoemd onder a. en b., zoals door [gedaagde hoofdzaak, eiser vrijwaringszaak] uitdrukkelijk bepleit, en niet tussen bijvoorbeeld alle vier de genoemde gronden of bijvoorbeeld de gronden onder a. en d. naar haar oordeel zowel taalkundig als inhoudelijk gezien geen aanleiding gevonden kan worden. Gelet daarop gaat de rechtbank voorbij aan de stellingen van [gedaagde hoofdzaak, eiser vrijwaringszaak] die gebaseerd zijn op zijn standpunt dat er sprake dient te zijn van opzet én van een strafrechtelijke veroordeling ter zake.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f88f5c2d3fbf9c88b08763572584c8f1d6f4f259631f11c685ba8971f46ec05a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f88f5c2d3fbf9c88b08763572584c8f1d6f4f259631f11c685ba8971f46ec05a, en de alinea staat in dat document op bytes 30388 tot 31301.