Citaat | Rechtbank Limburg 29 april 2015
Alinea 53 Rechtbank Limburg 29 april 2015
Een alinea uit Rechtbank Limburg 29 april 2015, ECLI:NL:RBLIM:2015:3418.
Over een door [gedaagde] veronderstelde bestuursrechtelijke en/of strafrechtelijke verantwoordelijkheid van eisende partij of haar gemachtigde kan de kantonrechter zich in deze civielrechtelijke procedure al helemaal niet uitlaten. Nog daargelaten dat het betoog van [gedaagde] op dat punt ook nog eens veel te vaag en onsamenhangend is. Aan de ‘eis’ dat het vonnis voor [gedaagde] begrijpelijk is, wordt hopelijk voldaan, al valt niet geheel te ontkomen aan jargon en/of verwijzingen naar wet en procesregels. Daar staat tegenover dat - als gezegd - ook niet alles wat [gedaagde] betoogt, zonder meer voor zich spreekt en dat [gedaagde] de indruk wekt zijn weg te kunnen vinden in velerlei jargon, zelfs in vreemde en dode talen en in wetten en regels. De uitspraak wordt echter niet (in afschrift) ‘ter hand gesteld’ en evenmin in aangetekende vorm verzonden. De kantonrechter vertrouwt erop dat het vonnis desondanks de bestemming bereikt, waar het voor derden geheime woonadres van [gedaagde] in [woonplaats] uiteraard ook de rechtbank bekend is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be24b4f9f2cdad30c123dac8d9ea84d87ff83944cc7f796eacb040c9f0ede901. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be24b4f9f2cdad30c123dac8d9ea84d87ff83944cc7f796eacb040c9f0ede901, en de alinea staat in dat document op bytes 31175 tot 32250.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/be24b4f9f2cdad30c123dac8d9ea84d87ff83944cc7f796eacb040c9f0ede901 | shasum -a 256