Citaat | Rechtbank Limburg 6 augustus 2015

Alinea 49 Rechtbank Limburg 6 augustus 2015

Een alinea uit Rechtbank Limburg 6 augustus 2015, ECLI:NL:RBLIM:2015:6691.

In het onderhavige geval is de termijn, waarbinnen zienswijzen over het ontwerpbesluit van 17 december 2013 naar voren gebracht konden worden op 18 februari 2014 afgelopen. Namens eisers [eisers 3] zijn op 19 februari 2014 schriftelijke zienswijzen bij verweerder ontvangen. Gebleken is dat genoemde eisers op 18 februari 2014 en derhalve op de laatste dag van de termijn tevens per e-mail zienswijzen hebben ingediend. Ingevolge artikel 2:15, eerste lid, van de Awb kan een bericht elektronisch naar een bestuursorgaan worden verzonden voor zover het bestuursorgaan kenbaar heeft gemaakt dat deze weg is geopend. Verweerder heeft de mogelijkheid om per e-mail zienswijzen in te dienen echter niet opengesteld. Er is voldaan aan de eisen van de Awb aangaande de kennisgeving van het ontwerpbesluit. Gesteld noch gebleken is dat eisers redelijkerwijs niet kan worden verweten dat zij niet tijdig zienswijzen hebben ingebracht. Het beroep van [eisers 3] dient daarom met toepassing van artikel 6:13 van de Awb niet-ontvankelijk te worden verklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae0d3e11e20e75798ac6c2750f27dc3e6466760042e792f0f4a695a02c962cc3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae0d3e11e20e75798ac6c2750f27dc3e6466760042e792f0f4a695a02c962cc3, en de alinea staat in dat document op bytes 22491 tot 23551.