Citaat | Rechtbank Limburg 30 september 2015

Alinea 32 Rechtbank Limburg 30 september 2015

Een alinea uit Rechtbank Limburg 30 september 2015, ECLI:NL:RBLIM:2015:8177.

Bij repliek zijn alsnog - zonder inhoudelijke toelichting - aanschrijvingen en/of facturen van Essent ingebracht over het tijdvak 24 februari 2014 tot en met 21 november 2014 (prod.2 en prod.3, die tezamen tientallen pagina’s in print omvatten). Ten aanzien van geen enkel van deze slechts vaag aangeduide stukken is met zoveel woorden gesteld dat [gedaagde] destijds door ontvangst daadwerkelijk van de inhoud kennisgenomen heeft (althans heeft kunnen nemen). Hoist achtte zich bij exploot in navolging van Essent gerechtigd tot invordering van het genoemde bedrag in hoofdsom krachtens de aan haar gedane cessie (die evenmin in de procestukken toegelicht is en waarvoor slechts verwezen is naar art. 3:94 ‘B.W.’ ofwel BW).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea3465dcf86aed0865a3b0da5a5e12b939a0e22588451fa5d797f96b9889edd9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea3465dcf86aed0865a3b0da5a5e12b939a0e22588451fa5d797f96b9889edd9, en de alinea staat in dat document op bytes 10393 tot 11140.