Citaat | Rechtbank Limburg 9 maart 2016
Onder 4.19. Rechtbank Limburg 9 maart 2016
Een alinea uit Rechtbank Limburg 9 maart 2016, ECLI:NL:RBLIM:2016:1936.
De curator is in het belang van de boedel bevoegd tot inning van de vordering en tot het in ontvangst nemen van betalingen zolang de stille pandhouder aan de betrokken debiteuren niet de in artikel 3:246 lid 1, tweede volzin, BW bedoelde mededeling heeft gedaan. Onder inning van de vordering dient niet enkel de meer passieve inontvangstneming van het verschuldigde te worden verstaan maar ook de meer actieve maatregelen om de debiteur tot betaling te bewegen, zoals het verzoek of de sommatie om tot betaling over te gaan. Zolang de mededeling als bedoeld in voornoemd artikel niet is gedaan, is er voor de curator ook geen reden de stille pandhouder in het belang van de boedel op de voet van artikel 58 Fw een (redelijke) termijn te stellen om tot uitoefening van haar rechten als bedoeld in artikel 57 Fw over te gaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fc31f4e25469b79229a2725511ae9e13b63a856b35f04e85e2eff70221016b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fc31f4e25469b79229a2725511ae9e13b63a856b35f04e85e2eff70221016b9, en de alinea staat in dat document op bytes 27663 tot 28501.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0fc31f4e25469b79229a2725511ae9e13b63a856b35f04e85e2eff70221016b9 | shasum -a 256